ZEEBRUGGE – Het gloednieuwe fregat "Blankenberge" van de Belgische Marine is deze voormiddag gezonken tijdens de plechtige inhuldiging in de marinebasis van Zeebrugge. Het schip lag op dat moment exact 41 minuten in het water.

De ceremonie werd bijgewoond door burgemeester Dirk De fauw (CD&V), het voltallige schepencollege en een NAVO-delegatie uit elf lidstaten. Volgens fregatkapitein Gunther Vandenbussche (52) liep alles volgens plan tot de bemanning aan boord ging. "De mannen zaten sinds zes uur 's morgens aan de cava voor de doop. Er stonden 24 flessen klaar om tegen de romp te kletsen. Er is er uiteindelijk één tegen de romp gekletst, en die was leeg", duidt Vandenbussche.

Stuurhut

Bij het uitvaren van de havengeul ramde de "Blankenberge" om 10u14 de westelijke strekdam van de Zeebrugse voorhaven. De schade bleef volgens Defensie beperkt, aangezien het schip al lek was vóór het de dam raakte. Een matroos wilde daarop een saluutschot afvuren voor de NAVO-delegatie, maar het boordkanon stond nog op de stuurhut gericht. "Die stuurhut stond toch al half onder water. Achteraf gezien hadden we beter kunnen hozen, maar we wilden een goeie indruk maken op de Amerikanen", aldus Vandenbussche.

Het fregat zonk om 10u32 voor de ogen van de delegatie. De 63 bemanningsleden werden opgepikt door een garnalenkotter uit Zeebrugge, waarvan de opvarenden volgens de NAVO geen enkele gekende taal spraken. "Ik heb het eerlijk gezegd niet goed gezien, ik stond aan de receptie", bekent burgemeester De fauw.

Reeks

De "Blankenberge" maakt deel uit van een reeks van vijf fonkelnieuwe fregatten: de Blankenberge, de Charleroi, de Koekelare, de Verviers en de Maldegem. Defensiewoordvoerder Katrien Verplancke (44) legt de naamkeuze uit. "De mijnenjagers krijgen namen van echte steden, zoals Tournai en Brugge. Voor de fregatten hebben we bewust gekozen voor gemeenten waar niemand van wakker ligt als er eentje naar de kloten gaat. We hadden dit scenario eigenlijk al een beetje ingecalculeerd", aldus Verplancke. De fregatten zijn namelijk van Nederlandse makelij en dus bijzonder goedkoop in elkaar geflanst.

In Blankenberge zelf is de ontgoocheling groot. Ronny Declercq (61) uit Blankenberge heeft vooral een probleem met de bemanning. "Dat die boot zinkt, daar lig ik niet van wakker. Maar die mannen waren om negen uur al kapotgezopen, dat zijn geen Blankenbergenaars. Een echte Blankenbergenaar gaat pas om elf uur het sop in. Dat waren dus allemaal gasten uit Wenduine,", jammert Declercq.

"Volgend jaar beter, dan huldigen we de Koekelare in", aldus nog Vandenbussche.